Een maatje te groot

By Published On: 20 december 2018Categorieën: De Waagtoren K3 (2018-2019), Verslagen5s Reacties

Botwinnik 1 – De Waagtoren 3: 6,5-1,5

Dat het Eerste van Botwinnik niet voor niets de ranglijst reeds maanden aanvoerde, bleek afgelopen zaterdag eens te meer. Met 6,5-1,5 werden we afgedroogd, en met de staart tussen de benen konden we na nauwelijks vier uurtjes te hebben doorgebracht in het, althans op het eerste gezicht, oersaaie en gezapige Zoetermeer, de terugtocht aanvaarden.

Leegtrekken

Dat het vlaggenschip van De Waagtoren en in dit geval met name het Tweede – daaraan mede debet zijn geweest door voor de zoveelste keer de teams daaronder (in dit geval het Derde), leeg te trekken met als gevolg dat er maar liefst drie basisspelers ontbraken, heeft grote invloed gehad op het verloop van deze wedstrijd en een reeds van te voren verwachte nederlaag.

Het blijft een bijzonder fenomeen dat als mensen niet kunnen spelen, om ongetwijfeld moverende redenen, met een volkomen vanzelfsprekendheid, de vaak beste spelers uit daaronder liggende teams worden gehengeld om hun kunsten elders te vertonen.

Het hele gedoe was dit keer min of meer begonnen met Maaike Keetman, die – naar horen zeggen – niet mee kon doen met het Eerste, omdat ze afgelopen weekend deelnam aan een toernooi in Londen. Dit had tot gevolg dat Hebert Perez Garcia, de kopman van het  Tweede, weer eens in mocht vallen om haar plek in te nemen. Behalve Maaike was ook Yong Hoon de Roover er niet bij vanwege ziekte. Voor hem in de plaats werd Peter Hoekstra opgetrommeld.

Behalve het wegvallen van Hebert, was de emmer helaas nog lang niet leeg. Zowel Jeroen Smorenberg, Gerard de Geus en Vincent Pandelaar, konden voor het Tweede niet van de partij zijn, met als gevolg dat er nu drie spelers uit het Derde mochten komen opdraven om deze gatenkaas zo goed mogelijk op te vullen. In dit geval betekende dit dat Ruud Adema, David Baanstra en Rob Freer met het Tweede mee ‘mochten’ doen en het gezamenlijk goed deden door maar liefst 2 uit 3 te scoren!

Het team dat uiteindelijk – u raadt het al – de pineut was, was natuurlijk het Derde dat nu met maar liefst drie invallers naar het zuiden mocht afreizen. (Teamcaptain van het Tweede Dirk van der Meiden, had nog om vier spelers gesmeekt en het allerliefst het halve Derde leeggetrokken, maar dat ging Alex Albrecht, als voorzitter, tevens teamcaptain van het Derde toch net een beetje te ver..).

Later vroeg ik me toch even af: ‘Hoe had de altijd beminnelijke maar bloedfanatieke Dirk het gevonden als hijzelf drie spelers had moeten afstaan aan het Eerste? Mede omdat het Tweede nog serieuze kansen zou hebben kampioen te worden en/of te kunnen promoveren..

Natuurlijk begrijp ik dat als spelers niet mee kunnen doen je gaat vissen in het team daaronder, maar om nu te zeggen dat het erg inspirerend is mee te doen aan de externe en je in te zetten voor ‘jouw’ team wanneer je aan de start verschijnt met maar liefst drie invallers en zonder dat er nog maar een zet is gespeeld, vrijwel zeker bent van nul matchpunten, nou nee…

Klaarblijkelijk is er maar een team dat er écht toe doet: het Eerste (en in dit specifieke geval met name het Tweede). De rest hobbelt er maar een beetje achteraan, met als gevolg dat men daardoor, elke keer weer, gedwongen wordt op zoek te gaan naar geschikte invallers om te proberen zich als team te handhaven (promoveren is sowieso geen optie..).

Vraag is natuurlijk of deze vanzelfsprekendheid (het voortdurend leentjebuur spelen bij andere teams) wel zo vanzelfsprekend is; dat alles en iedereen moet wijken om het vlaggenschip, jaar in, jaar uit, veilig naar de overkant te loodsen. Saillant detail: tot de dag van vandaag is het, ondanks deze twijfelachtige strategie, nog nooit gelukt naar de Eerste klasse te promoveren..

Bovendien is het nog maar de vraag of het, door sommige clubleden, elke keer weer gebruikte argument dat als het Eerste het goed doet, je sterkere spelers aantrekt en je als vereniging sterker wordt, klopt. Wie dan? Zover ik weet, bestaat het Eerste sinds járen nog steeds uit vrijwel hetzelfde achttal, een uitzondering daar gelaten.

Kortom, je kunt je afvragen waar het spelen in de externe competitie voor een amateurvereniging  écht over zou moeten gaan. Gaat het er alleen maar om je eigen partijtje te winnen? Of heb je ook als doel met het eigen team goed te willen presteren en te promoveren?

Eén ding staat mijns inziens echter als een paal boven water: een team te laten afreizen naar Zoetermeer (of welke plaats dan ook), met een aan zekerheid grenzende nederlaag in het verschiet, is niet de weg die we moeten (blijven) bewandelen!

De wedstrijd

Dat we, zoals gezegd, reeds vanaf het begin, wisten dat we zouden verliezen, wordt eens te meer duidelijk als je kijkt naar het enorme ratingoverwicht van onze tegenstander met maar liefst 136 ratingpunten.

De zwaarste tegenstanders kregen Bert (nota bene aan het 4e bord) en ikzelf (bord 5) te verstouwen met ratings van respectievelijk 2091 en 2067, hetgeen met name Bert aan den lijve mocht ondervinden. Eigenlijk kreeg hij vanaf zijn 13e zet nooit meer een redelijke kans de partij naar zich toe te trekken.

Thom Beeren (2091) – Bert Buitink (1869)

1.e4 d5 2.exd5 Dxd5 3.Pc3 Dd6

De zet van Tiviakov.

4.d4 Pf6 5.Ld3 a6 6.Pge2 Lg4 7.f3 Lh5 8.Lf4 Dd7 9.Dd2 e6 10.0-0-0 Pc6 11.Pg3 Lg6 12.Lxg6 hxg6 13.d5

13..Pd8?

De verkeerde verdediging. Na 13..exd5 14.Pxd5 0-0-0 15.Pxf6 Dxd2+ 16.Txd2 gxf6 is er weinig aan de hand.

14.The1

Hier was 14.De3! nog veel sterker geweest!

14..Ld6

Maakt het er niet beter op. Dan toch maar op h2 geslagen.

15.Pge4 Pxe4 16.Pxe4 Kf8 17.Pxd6 cxd6 18.Db4

Allemaal uitstekend gespeeld.

18..Kg8 19.dxe6 Pxe6 20.Txd6 Db5 21.Dxb5 axb5 22.Lg3 Txa2 23.Kb1 Ta6 24.Td7 b6 25.Te5 Th5 26.Txh5 gxh5 27.Td5 g6 28.Txb5 Pd4 29.Td5 Pe6 30.Td6 Pc5 31.Lf2 b5

Een blunder tot slot.

32.Lxc5 (1-0).

Bij mij ging het pas écht fout op de 26e zet, na daarvoor minimaal gelijk tot zelfs goed te hebben gestaan. Een positionele blunder deed mij snel de das om.

Marten Coerts (1891) – Rogier Zoun (2067)

Stelling na 25..Tfe8

26.f3??

Natuurlijk keek ik ook naar 26.Te1 (de juiste zet), maar omdat ik deze toren de zet daarvoor naar c1 had verplaatst, weigerde ik voor mijzelf (psychologie!) toe te geven dat dit verkeerd was geweest en deed de vreselijke tekstzet, met als gevolg gratis doorgang op de zwarte velden rondom de witte monarch. Negen zetten later kon ik mijn koning omleggen. (0-1).

Ook Ruud keerde huiswaarts met een nul op zak in een partij waar ik weinig van begreep (Een soort Ton Fasel-partij, maar dan net even anders). Tegenstander Wouter Bik had na 32 zetten de vis op het droge.

Wouter Bik (1885) – Ruud Niewenhuis (1786)

1.g3 c5 2.Lg2 Pc6 3.d3 Pf6 4.Pc3 d6 5.e4 g6 6.Pge2 Lg7

Na zetverwisseling staat er nu een Gesloten Siciliaan op het bord.

7.Pf4 Lg4 8.f3 Ld7 9.Le3 b5 10.Dc1 b4 11.Pcd5 Pg8?

Dat is nu zo’n zet die mijn verstand te boven gaat. Waarom niet gewoon 11..Pxd5?

12.Pe2 e6 13.Pdf4 Pf6

In het Gesloten Siciliaans staat het paard vaak beter op e7, omdat na het thematische f4, zwart dan altijd de mogelijkheid ..f5 voor handen heeft om de opmars van de f-pion te stuiten. Hetgeen zal blijken..

14.0-0 e5 15.Ph3 h6 16.f4

Daar is ie al.

16..Pg4 17.f5(!) Pd4 18.Pxd4 Pxe3 19.Dxe3

19..exd4?

Deze zet zal zwart uiteindelijk de kop gaan kosten. Natuurlijk had hij hier met de c-pion moeten terugnemen om spel op de c-lijn te krijgen en nog belangrijker: een eventueel e4-e5 tegen te gaan..

20.Df3 0-0 21.Pf4

Mist 21.e5! Db6 22.fxg6 fxg6 23.Dd5+ Kh7 24.e6 met groot voordeel.

21..g5

Dat is nu zo’n zet waar een luchtje aan zit..

22.Pd5 Lf6 23.Dh5 Kg7 24.a3!

Een sterke zet. Wit start een tweede front op de damevleugel.

24..b3? 25.cxb3 Tb8 26.b4 Lb5 27.Tfd1 La6 28.De2

Veel sterker was 28.Tac1!

28..Dd7?

De laatste en beslissende fout. Na 28..Lb7 staat zwart heel slecht, maar leeft nog (een beetje).

29.bxc5 dxc5 30.e5!

De beslissing.

30..Ld8 31.f6+ Kh8 32.Dh5 (1-0).

Wat dat betreft deed onze eerste bordspeler het een stuk beter, die er als laatste toch nog in  slaagde een extra halfje mee terug te nemen naar Alkmaar, na zelfs meerdere kansen op een heel punt te hebben gehad.

Alex Albrecht (1855) – Stefan Buchly (1986)

1.d4 Pf6 2.c4 e5

Het Boedapest-gambiet.

3.dxe5 Pg4 4.Lf4

De favoriete voortzetting van de Poolse gigant Akiba Rubinstein (1880-1961), die begin van de 20e eeuw Lasker uitdaagde voor de wereldtitel. Helaas ging door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog deze match niet door en was het uiteindelijk de Cubaan Capablanca, met als bijnaam de schaakmachine, die Lasker in 1921 in Havana zou verslaan en na Steinitz en Lasker de derde wereldkampioen uit de schaakgeschiedenis zou worden.

4..Lb4+

4..g5 en 4..Pc6 zijn interessante alternatieven. En zelfs 4..f6?! gespeeld door Keres (Rattman – Keres correspondentiepartij 1934), komt in aanmerking.

5.Pc3 Lxc3+ 6.bxc3 Pc6 7.Pf3 De7 8.Dd5 Da3 9.Tc1 f6 10.exf6 Pxf6 11.Dd2 d6 12.e3

12.De3+ Kf8 13.Lg5 ziet er ook goed uit voor wit!

12..Lf5 13.Ph4 Pe4 14.Dc2 Le6 15.Ld3?

Direct 15.Le2 is beter. Het paard wil toch naar c5 en de tekstzet betekent dus tempoverlies.

15..Pc5 16.Le2 0-0 17.0-0 Pa5 18.Tfd1 Tae8 19.Lh5 Tc8 20.Le2 Pxc4 21.Pf3 d5 22.Pd4 Ld7

23.Lxc4

Alex speelde deze zet – hoewel de computer deze duidelijk afkeurt – omdat hij met de dame via e2 richting de koningsvleugel wilde. Desalniettemin: Frank Marshall (1877-1944), Amerikaans aanvalsspeler en topspeler in dezelfde tijd als Akiba Rubinstein, die de openingstheorie heeft verrijkt met o.a. het overbekende Marshall-gambiet, zei het echter al: ‘A bad plan is better than none at all!’

23..dxc4 24.De2 Pd3 25.Tb1 Dxc3 26.Lg3 La4

Zwart staat gewonnen. Maar zoals Hein Donner (1927-1988) reeds aangaf: ‘Het moeilijkste van het schaken blijft het winnen van een gewonnen stelling…’

27.Tf1 c5

Kijk, daar doet ie toch al een minder goede zet; 27..b6 was aangewezen.

28.Pe6! Tf7 29.Pg5 Td7

De vluggerfase was aangebroken en wit laat onmiddellijk een goede kans liggen de partij te doen kantelen.

30.Dh5?

Sterker is 30.Dg4! Te8 31.Pe4 Txe4 (na 31..Dc2 wint 32.Pf6+ Kh8 33.Pxe8) 32.Dxe4 h6 33.Txb7 en ook na 30..Tf8 31.De6+ Kh8 32.Txb7 trekt wit opeens aan de touwtjes.

30..g6

Beter is 30..h6.

31.Dg4 Te8 32.Pe4 Dg7 33.h4?

Mist 33.Pxc5! en wit behoudt zijn voordeel na 33..Pxc5 34.Dxc4+ Df7 35.Dxc5 met pionwinst.  

33..h5 34.Pf6+ Dxf6 35.Dxc4+ De6

Nu is het wederom zwart die beter staat.

36.Dxa4 a6 37.Da5?

37.Tb6!

37..b5 38.Tfd1 c4 39.a3 Df6 40.Tbc1??

Een blunder die wit alsnog een nul had kunnen opleveren, maar hij heeft mazzel. Zwart, eveneens in tijdnood, ziet het niet.

40..Tf7??

Na 40..Dc6! 41.Tc2 Pf4 42.Lxf4 Txd1+ wint zwart!

41.Tc2 Te6

En nu werd, ondanks dat zwart nog steeds veel beter staat, tot remise besloten. (½ -½).

Tot slot het enige(!) winstpuntje dat naar Alkmaar werd teruggenomen. Invaller Chaim Bookelman leverde  een mooie prestatie door zijn tegenstander Yde van Deutekom met maar liefst 240 ratingpunten meer beentje te lichten!

Yde van Deutekom (1944) – Chaim Bookelman (1704)

1.d4 Pf6 2.c4 e6 3.Pf3 b6 4.g3 Lb7 5.Lg2 Lb4+ 6.Ld2 Le7 7.0-0 0-0 8.Pc3 d5 9.cxd5 exd5 10.Ph4 Pe4 11.Pxe4 dxe4 12.Pf5 Lf6 13.Lc3 Te8 14.Dc2 Dd7 15.Pe3 Pa6 16.d5?

In een partij waarin wit vanaf de eerste zet goed tot heel goed heeft gestaan, maakt hij nu toch de eerste fout. Chaim: ‘Té vroeg opgespeeld, zwart komt nu makkelijk onder de druk uit en het paard op a6 zal de rest van de partij kunnen domineren op veld c5.’

16..Lxc3 17.bxc3 18.Tfd1 Tad8

Beide spelers hadden hier nu nog minder dan twaalf minuten op de klok.

19.Td4 f5 20.Tad1 Df7 21.Dd2 Td6 22.Pf1 Te5 23.Pe3 La6 24.c4 Lc8?

De loper stond juist goed op a6. Vandaar dat 24..f4! betere kansen bood.

25.Pc2 a5 26.f3?

In tijdnood stapelen de fouten zich op. Sterker is 26.Pa3 en het evenwicht is nauwelijks verstoord.

26..De8! 27.Kf2 h6?

En hier was 27..exf3 28.Lxf3 Ld7 goed voor zwart.

28.f4 Te7 29.h4?

Verzwakt onnodig zijn eigen koningsstelling.

29..Dg6!

De juiste reactie.

30.Th1 h5 31.De3 De8 32.Tb1 Da4

Gaat eens een kijkje nemen op de damevleugel, iets waarvan wit klaarblijkelijk zo enorm schrikt dat hij prompt een pion in de aanbieding doet.

33.Dc3?

Na 33.Tb2 is er nog steeds niet erg veel aan de hand.

33..Dxa2 34.Ta1 Db3 35.Dd2 Tg6 36.Ta3 e3+!

Een zet die een diagram verdient!

37.Kf3 exd2+ (0-1). 

Dat ondertussen invaller Piet Pover in een niet of nauwelijks voorbereid Blackmar – Diemer gambiet, binnen een mum van tijd ten onder ging, Leonard na reeds drie zetten meer dan een half uur in de denktank ging en (natuurlijk) eveneens verloor en de strijd tussen de beide Max’en in het voordeel van de Botwinnik-Max werd beslist, is niet of nauwelijks interessant genoeg om meer dan bovenstaande woorden aan te besteden.

Volgende keer, in het nieuwe jaar, mogen we in de zesde ronde aantreden tegen ‘aartsvijand’ Bergen. Hopelijk dit keer wél met een volledig team..

 

Botwinnik De Waagtoren 3    
Buchly , S. (Stefan) 1986 Albrecht , A. (Alex) 1855 z-w ½ – ½
Bik , W. (Wouter) 1885 Niewenhuis , R. (Ruud) 1786 w-z 1 – 0
Lubben van der, A. (Arno) 1789 Pover , P. (Piet) 1910 z-w 1 – 0
Beeren , T.J.B. (Thom) 2091 Buitink , A.J. (Bert) 1869 w-z 1 – 0
Zoun , R.P.C. (Rogier) 2067 Coerts , M. (Marten) 1891 z-w 1 – 0
Middelkoop , F.H. (Erik) 1885 Haakman , L.P.A. (Leonard) 1818 w-z 1 – 0
Kanbier , M.B.C. (Max) 1867 Bookelman , M. (Max) 1592 z-w 1 – 0
Deutekom van, Y. (Yde) 1944 Bookelman , C.B. (Chaim) 1704 w-z 0 – 1
Gemiddelde Rating: 1939 Gemiddelde Rating: 1803   6½-1½

5 Comments

  1. drulovic 20 december 2018 at 22:20

    Dat een team spelers afstaat aan een hoger team is toch doodnormaal? Dat gebeurt niet alleen bij De Waagtoren maar bij alle verenigingen.

  2. Frits Leenart 21 december 2018 at 19:38

    Hi Martin,
    Altijd zeer leeswaardig, die verslagen van jou. Jammer dat het team met 3 invallers naar het op het eerste gezicht oersaaie en gezapige Zoetermeer moest afreizen om daar tegen de sterke koploper te spelen, een volgens jou aan zekerheid grenzende nederlaag tegemoet. De vraag is wel of er matchpunten zouden zijn gepakt zonder invallers, de 5 vaste teamleden kwamen nu samen niet verder dan een half bordpunt.
    Maar je bent natuurlijk niet gelukkig met het feit dat je team 3 spelers moet afstaan aan hogere teams, omdat in die teams spelers afzeggen. En juist nu je ook nog helemaal naar Zoetermeer moest, want de andere clubs in de klasse spelen een stuk dichterbij. Een ongelukkige samenloop van omstandigheden.
    Bij het completeren van teams in het geval van afzeggingen is het gebruikelijk dat zonodig spelers van lagere teams worden afgestaan aan hogere teams. De mate waarin dit gebeurt zal in het algemeen afhangen van de promotiekansen en het degradatiegevaar van de betrokken teams. Hier speelt behalve teambelangen ook een clubbelang. Ik denk dat in dit geval juist is gehandeld.
    Teamleiders moeten hun teamleden natuurlijk wel inspireren alleen in hoogst nodige gevallen af te zeggen !

    • Frits Leenart 21 december 2018 at 19:52

      Hi Marten, lees in mijn vorige comment Marten i.p.v. Martin !

  3. Ruud Niewenhuis 22 december 2018 at 14:24

    Frank, het wordt: doodnormaal gevonden, dat is iets anders…ik zou het doodnormaal en menselijk vinden zoals Frits reageert. Bravo voor Marten om eens kritiek te leveren op oude ‘waarheden’.

  4. Frank van Tellingen 24 december 2018 at 10:05

    Een veel belangrijker punt lijkt me de brede basis van de club – zijn er twee afwezigen dan wordt een team blijkbaar danig verzwakt. Verder heeft het eerste team een reële kans om de stap naar de eerste klasse ditmaal te gaan maken – ik zou niet zien wat daar mis mee was?

Leave A Comment