Willem Andriessen

Daan Geerke

By Published On: 7 december 2009Categorieën: Analyses, De Waagtoren 1 (2009-2010)Views: 130610s Reacties on Daan Geerke

Bij het zien van de gedetailleerde uitslagen van het eerste, zal menigeen zich afgevraagd hebben, wie is Daan Geerke. Ook voor mij was zijn naam nieuw en daarom vroeg ik Frank van Tellingen  iets over zijn oude clubgenoot bij ASG te vertellen.

Ik heb Daan voor het eerst ontmoet toen ik 15 jaar oud was. Daan speelde toen voor Castricum en ik voor de jeugd van 0-0-0. In onze eerste ontmoeting, die Daan zich waarschijnlijk nog levendig kan herinneren, won hij een remise toreneindspel van drie tegen drie op één vleugel, gezegd moet worden dat ik twee groepjes had, maar toch.
Echt goed leerde ik Daan pas kennen toen wij samen aan het NK t/m 16 deelnamen. In de vele jaren die volgden heb ik Daan leren kennen als een heel intelligent, betrouwbaar mens met een groot gevoel voor humor en een toch ietwat saaie schaakstijl.

Daan heeft een grote voorkeur voor positioneel schaak en speelt eigenlijk al jaren dezelfde opening (labbekak). In de jeugd had hij de bijnaam Petrodaan. Hij houdt van hele subtiele wendingen en de esthetiek in het schaakspel is hem niet vreemd. Zijn sterke punt in het schaken zijn manoeuvreerstellingen, hoewel hij af en toe wel wat praktischer kan zijn naar mijn mening.
Dat hij chemie ging studeren lag voor de hand. Ik weet nog als de dag van gisteren dat ik hem na ons beider eindexamen belde en vertelde hoe ik die of die som had aangepakt. Daan antwoordde op vrijwel elk van mijn suggestie met het diplomatieke ‘dat zou kunnen, maar ik heb het zo-en-zo gedaan’, waarna ik de bui wel zag hangen (4,4).
Tijdens zijn studie chemie leerde Daan zijn huidige vrouw Astrid (tevens scheikundige) kennen. Zij zijn vier jaar in Zwitserland woonachtig geweest waar ze promoveerden in de chemie (Daan maakt computermodellen van eiwitreacties in de strijd tegen kanker, hoewel hij geloof ik tegenwoordig van mening is, dat het daar niet werkelijk toe bijdraagt). Tijdens dat verblijf kwam Daan af en toe nog uit voor ASG en speelde in het derde team van de club van Kortsjnoi (naam weet ik niet).

Na een mislukt avontuur in Amerika (omdat ze het daar niet naar hun zin hadden) zijn ze nu weer terug. Daan werkt momenteel aan de VU als UD en zijn vrouw als UD in Wageningen. Logischerwijs zijn ze daarom in Amersfoort gaan wonen (kan ie mooi bij Hoevelaken intern gaan spelen).

Tot zover Frank. De eerste partij van Daan Geerke voor het Eerste, was buiten zijn schuld van weinig betekenis. Hij kreeg een jonge tegenstander met een bescheiden rating van 1722 voorgeschoteld, die hij in dertien zetten oppeuzelde. Frank speelde me een partij van hem uit de finale van de NHSB beker uit 2004 toe, tegen de ons niet onbekende Jos Vlaming, die een betere indruk van zijn speelkracht geeft. Ik heb daarin de partij uit de derde ronde tegen Stijn Gieben opgenomen.

Willem Andriessen

10 Comments

  1. Frank
    Frank 8 december 2009 at 11:32

    “een toch ietwat saaie schaakstijl”
    Wat een eufemisme! 🙂
    En toch speel ik veel liever met Daan, dan tegen hem. Nauwelijks te verslaan, die lange.

  2. Avatar
    Bert Buitink 8 december 2009 at 14:17

    Frank van Tellingen meldt bij de opening die Daan speelt tussen haakjes het woord ‘labbekak’. Het is mij niet bekend dat er een opening met die naam bestaat; als dat wel het geval is zou ik er graag meer van weten. Ik kan me ook niet voorstellen dat Daan zelf wordt bedoeld met dit woord; ik heb het even opgezocht en het is een zelfstandig naamwoord met betekenissen als: babbelaar, flapdrol, sufferd, kwaadspreker etc.
    Mogelijk heeft Frank de term in bijvoeglijke zin willen gebruiken, wat taalkundig een belangrijke vernieuwing zou zijn. Hij zou dan mogelijk hebben bedoeld dat de opening ‘flapdrollerig’ is in zijn ogen. Wat ik me hierbij moet voorstellen weet ik echter niet.
    Volledigheidshalve: labbekak kan ook de gebiedende wijs zijn van het werkwoord labbekakken. Al met al zou ik gaarne meer duidelijkheid van Frank krijgen omtrent dit intrigerende woord.
    Bert

  3. Frank A.
    Frank A. 8 december 2009 at 16:05

    Het woord ‘labbekak’ is volgens mij ooit (in de jaren ’90) door de heren van Straffe Hendrik gekoppeld aan het openingssysteem met d4, c3, e3, Lf4, Pf3, Ld3 enz. Omdat het zo’n slappe opening is. Sindsdien wordt het -in ieder geval in het Noord-Hollandse- vrij algemeen gebruikt volgens mij. Bij ASG tenminste wel.

  4. Avatar
    Marten Coerts 9 december 2009 at 15:35

    Beste Frank,
    Slappe openingen bestaan niet, alleen GOED en SLECHT gespeelde openingen ..

  5. Willem Andriessen
    Willem Andriessen 9 december 2009 at 16:43

    Denk je Marten? Pas maar op anders ga ik jouw openingsspel weer eens ontleden en fileren.

  6. Avatar
    Frank A. 9 december 2009 at 17:49

    Daan speelt die slappe labbekak behoorlijk GOED.

  7. Avatar
    Bert Buitink 9 december 2009 at 18:57

    Ik heb inmiddels begrepen dat het om het ‘Dameloperspel’ gaat. Mijn dank!
    Bert

  8. marten c.
    marten c. 9 december 2009 at 20:33

    Misschien heb je toch een punt Wim: 1.c4 is inderdaad behoorlijk aan de slappe kant … (En dat al meer dan vijftig jaar!)

  9. Avatar
    walter solowjew 10 december 2009 at 12:58

    Hoi Daan
    ZE KUNNEN BETER OVER JE LULLEN DAN OVER JE LUL FIETSEN

  10. Avatar
    Daan 13 december 2009 at 12:44

    Geen zorgen Walter, ik vind het natuurlijk alleen maar leuk en vleiend dat Wim en Frank zo een aardig stukje over me hebben geschreven (en ook om alle reacties te lezen) Zoals Frank A terecht noemt is Frank T behoorlijk eufemistisch geweest 😉 Toch nog even over de ‘kracht’ van de labbekak: daar kreeg ik gisteren juist als zwartspeler mee te maken, hulde aan de andere teamleden dat die wel de team-overwinning in de wacht wisten te slepen tegen BSG!

Leave A Comment