Wie een kuil graaft voor een ander…

Wat voorafging.

Afgelopen dinsdag was er voorafgaande aan de interne competitie weer een les van Jos.
Negen belangstellende luisterde aandacht naar wat Jos te vertellen had. De vorige les heeft Jos de opening behandeld. Wellicht weet u het nog?
de 3 gouden regels , een pion in het centrum, ontwikkel je stukken en breng je koning in veiligheid.
Dat zag er zo uit :

Voornamelijk hebben we de opening e4 behandeld, zoals bovenstaande het spaans in de eerste les.
>Deze les ging echter over de opening, en welke valstrikken er zijn. Ook Gambieten kwamen voorbij, en dat je daar als beginnende speler maar beter niet op in kan gaan.
>Bij een gambiet moet je namelijk zeer goed opletten, en een fout kan je al een stuk kosten of zelfs de partij.

Deze les.

Maar goed, laten we beginnen bij het begin. naast het spaans, wat met e4 opent zijn er nog meer openingen mogelijk.

Zoals Jos zijn favoriete opening, het Frans. Dit speelt Jos zolang dat hij het kent als zijn broekzak.
Deze begint natuurlijk na:

Daarnaast is het belangrijk  dat je onthoud dat er zoveel varianten zijn dat jos dit nooit allemaal in drie kwartier kan behandelen. Daarom behandeld Jos de drie hoofdvarianten.

  1. De dooschuif variant

Bovenstaande leidt vaak tot een gesloten stelling waarbij wit ruimte voordeel heeft.

2. De ruilvariant

Zeer solide en leidt vaak tot remise

3. de Winawer-variant

een zeer scherpe en tactische manier om de franse verdediging te spelen.

Extra Frans.

De franse loper staat bekend om zijn ‘franse loper’ welke op c8 vast staat achter zijn eigen pionnenketen van e6 en d5. Hier moet zwart creatief nadenken om dit stuk te activeren.  Verder kiest het natuurlijk actief voor de tegenaanval op het centrum. c5 wordt dan ook vaak gespeeld. De pionnen structuur is een grote factor in hoe de partij verder verloopt, met een sterke focus op de d4 en e5 velden.

Omdat Jos zoveel liefde heeft voor het Frans heb ik zelf na de les  wat onderzoek gedaan en een mooie partij met de franse opening is de partij tussen Bobby Fischer(wit) en Wolfgang Uhlmann ( zwart) in Buenos Aires in 19.60

Kortom prachtige partij waarbij Fisher recht de voorbereiding van Uhlman inging. Hoewel wit met de loper op a3 de controle over de zwarte velden wilde verkrijgen werd dit genegeerd door Uhlman en ging deze in de aanval.
>Bijvoorbeeld het offer op zet 20 (f5) scheen gevaarlijk te zijn. Maar met een koelhoofd hoofd bracht zwart de partij tot een mooi einde met de schitterende zet 25 Df2! .
>Mat achter de paaltjes dreigt als wit de dame slaat…

d4 is er ook nog…

Jos laat d4 – d5 de revu passeren.

De opening met d4 levert meestal wat meer postioneel spel op. In bovenstaande partij is er echter een gambiet gespeeld. Wat is een gambiet vraagt u? Nou dan offer je iets op, in dit geval een Pion. Daarvoor krijg je dan “compensatie:  In dit geval zijn de kosten een pion en hiervoor krijg je het centrum. Niet geheel onbelangrijk hebben we geleerd. In bovenstaande voorbeeld probeert zwart wanhopig vast te houden aan zijn pion, maar je kan zien wat voor een rommelige pionen structuur dit oplevert.

Een andere en wellicht betere optie om te reageren is:

Dit heet het Albin counter gambit. Oftewel je slaat het damegambiet af, en offert zelf een pion op. Deze openin is vernoemd naar adolf Albin. Hij speelde het in 1893 tegen emanuel Lasker. Meestal slaat wit de pion op e5 en daarna schuift de zwarte pion door om wit te hinderen. Maar Lasker was niet voor één gat te vangen, hem verging het anders….

Wie een kuil graaft voor een ander…

Samengevat  bezint eer gebegint. Want wie een kuil graaft voor een ander, valt er zelf in.

Oefening baart kunst.

aanwezige kregen van Jos ook nog een pamflet mee waarin men met deze concepten kon oefenen. mensen die les geven of les hebben gehad in de stappenmethode zal dit bekend voorkomen. Deze diagrammen geven diverse posities waarin men dan moet kijken wat de beste zet is. Oefening baart kunst is het devies. Daarnaast is de interne de perfecte gelegenheid om het geleerde in praktijk te brengen.

Eigen ervaring.

Of ik er zelf nog wat van opgestoken heb? Door middel van de interne probeer ik het geleerde in de praktijk te brengen.
Het doel van mijn partij? Ongeschonden uit de opening komen met een goede positie.

Een partij vol met wendingen. al op de derde zet maak ik een foutje. Hier had ik natuurlijk c4 kunnen spelen om het centrum en meer ruimte te pakken. Nu staat m’n paard in de weg. Theo zag het hoofdschuddend aan. Verder is bij zet 6 dame d2 discutabel maar speelbaar. De echte fout in de opening zit voor mij bij zet zet 10, lh4. Hier had Thomas kunnen slaan en dan was hij gewoon met een stuk voorsprong uit de opening gekomen. Gellukig voor mij( en ongelukkig voor Thomas) zie ik het wel, waarna ik mijn loper veilig stel op g3.

Conclusie.

Desondanks is de missie  geslaagd, zij het met meer geluk dan wijsheid.  Verder is het een intressante partij met diverse intressante wendingen. Ik moet alle complimenten geven aan Thomas. Hij maakte het me knap lastig en bij zet 31 dacht ik echt dat alle hoop verloren was.
>Echter wist ik het ternauwernood te verdedigen en zelfs  mat te geven.

Na de partij hebben Thomas, Theo, Michel ik onze partijen nog even geanalyseerd om te zien waar de fouten liggen. Als het aan Theo ligt moet ik echt ophouden mijn paarden achter de wagen te spannen. Thomas gaf aan dat hij ging voor de Pirc defense als opening.

Bedankjes

Bij deze wil ik nog even Thomas bedank voor een zeer intressante partij, waarbij beide kansen hadden en ook bedankt voor de analyse en gezelligheid nadien.
>Theo wil ik ook bedanken voor zijn inzichten.(ooit zet ik dat paard achter de c pion, beloofd!) En natuurlijk Jos bedankt voor de les.

De aankomende les

De volgende les gaat over het middenspel. Bijvoorbeeld welke strategie kies je? Daardoor  belooft het weer intressant te worden.net zoals deze week ben ik  er weer bij aankomende dinsdag om 19.15.
>Wees op tijd, want Jos is zeer enthousiast en de tijd is beperkt dus er wordt echt op tijd begonnen.

 

 

Eén reactie

Geef een reactie