TF

Overpeinzingen van een huisschaker #4 – een terugblik

Kent u de 10.000-uur regel? Ik kende hem niet. Maar toen ik erover hoorde, werd ik helemaal enthousiast. Want iedereen kan piano leren spelen als Chopin. Of viool leren spelen als Paganini. Of zo goed leren schaken als Magnus Carlsen. En het enige wat u hoeft te doen is 10.000 uur te besteden aan de hobby van uw keuze. Want inspanning is belangrijker dan talent. En heeft u geen 10.000 uur over? Dan gooit u er toch gewoon wat minder uur tegenaan. Pianospelen als Pieter van Vollenhoven, de viool beroeren als André Rieux of leren schaken als Frank Agter ligt dan zeker nog binnen het bereik. En da’s toch ook niet niets! En voor ieder die dat echt wil, dus blijkbaar haalbaar!

Aan het einde van een kalenderjaar kijk altijd even terug op hetgeen het oude jaar mij heeft gebracht. Ik zal mij op deze site beperken tot wat schaakgerelateerde zaken. Was 2023 niet het jaar dat ik deel 1 tm 3 van deze stukjes publiceerde? En was 2023 niet het jaar dat De Rommelaar ten grave daalde? Het jaar dat deze veredelde huisschaker eindelijk eens serieus iets zou gaan doen aan zijn favoriete spelletje?

Terug naar de 10.000-uren regel. Ik heb dit jaar zeker 500 uur op Lichess doorgebracht (puzzeltjes en 3+2 partijtjes), zeker 100 uur Pilarenschaakpartijtjes gespeeld (3+2 partijtjes), en zeker 40 klassieke partijen (interne competitie dan wel ergens voor rating) gespeeld (laat ik dit afronden op 150 uur). En o ja, ik heb ook een schaakboek gekocht! En ben zelfs begonnen deze te lezen. Objectief gezien zit ik dus op ongeveer 7,5 % van de 10.000 uur, op weg naar de ongekende schaakhoogten!

Afgelopen week speelde ik weer eens een toernooitje. Tijd voor een tussentijdse reality check. Werkelijk alles aan mijn spel rammelde nog als vanouds. Piepend en krakend kwam ik uit de openingen. Tegenstanders schoten in de keuzestress over de snelste manier om mij af te maken. In slechts 0,5 van de 5 partijtjes had ik een beetje initiatief. Maar om onbegrijpelijke redenen weigerden mijn tegenstanders mij af te slachten. De Rommelaar bleek uit zijn graf opgestaan. Met spel dat mij overigens totaal niet bevalt.

Wit (mijn tegenstander) vindt het juiste plan niet en geeft later een halfje cadeau.

’s Avonds, na (bovenstaande) partij 3, besloot ik toch eens te gaan onderzoeken in hoeverre die 10.000-uur regel nu een “broodje aap”-verhaal is of niet. Immers, zo op 7,5% van de 10.000 uur had ik toch wel op wat vooruitgang gehoopt.

Internet blijkt naast die 99% aan onzin gelukkig toch ook nog wat wetenschappelijke artikelen te herbergen dus al snel leerde ik hoe het echt zit. Om het niveau van huisschaker te ontstijgen moet ik mijn leerproces dus anders inrichten!

Alleen, niets is zo lastig als gedragsverandering, zo blijkt maar weer. Welnu, 2023 heeft het inzicht gebracht. Dan moet er in 2024 maar eens wat gaan gebeuren!

Oh, en dat boek waarin ik ben begonnen? Da’s geen echt schaakboek hoor. Maar een boek over hoe je schaken kunt studeren. Dat lijkt me eerlijk gezegd nuttiger voor mij. Dan maar 10015 uur gericht aan de slag.

3 Comments

  1. drulovic
    drulovic 31 december 2023 at 17:51

    @ Ton: jij hebt 20.000 uur nodig om te schaken als Frank Agter.

  2. Frits Leenart
    Frits Leenart 31 december 2023 at 21:30

    Wie biedt er meer ?

  3. Ruud Niewenhuis
    Ruud Niewenhuis 2 januari 2024 at 17:45

    Lang leve de Rommelaar! Zou toch zonde zijn, de schaak stukjes zouden lang niet zo leuk meer zijn…

Leave A Comment