TF

Overpeinzingen van een huisschaker #3 – de jeugdcoördinator

Over de toenemende populariteit van het ASK is al meerdere keren op deze site geschreven. Het toernooi lijkt opgenomen in de jaaragenda van menig toernooitijger en verbreekt jaar op jaar het record aantal deelnemers. Wat mij als jeugdcoördinator natuurlijk enorm blij stemt, is de enorme hoeveelheid jeugdspelers die meedoet!
Ieder jaar zijn het er meer en ieder jaar lijken ze sterker te worden en dat ook nog op steeds jongere leeftijd. Dat geeft hoop voor de toekomst van ons favoriete spelletje!

Toen ik afgelopen ASK, tussen de partijen door, wat oude schaakbekenden sprak, viel het mij weer op dat er behoorlijk wat schakers bestaan die het best een uitdaging vinden om tegen jeugdspelers te schaken. En dan lijkt ‘een uitdaging’ behoorlijk zacht uitgedrukt. Sommigen vinden het ronduit verschrikkelijk om te moeten spelen tegen die hummels, die nauwelijks de andere kant van het bord kunnen bereiken om hun zetten te voltooien. Gruwelen zo van zichzelf als ze worden overdonderd door een jochie (m/v) dat meer naar het plafond staart dan naar het bord, dat ze het liefste na één zet al zouden willen opgeven.

Onwillekeurig moest ik denken aan die clubgenoten die letterlijk weg zijn gelopen bij NOVA, of weigeren om überhaupt nog weekendtoernooien te spelen als ze meer dan 10 jongeren op de lijst zien staan. Of bij de interne competitie tegenstanders mijden, wanneer die nog geen brommer mogen rijden. “Gens una Sumus” ?

Zelf vind ik het altijd leuk om tegen jeugdspelers te mogen aantreden. Je weet dat iedere keer dat je ze treft de laatste keer kan zijn dat je van ze wint. En dat het moment dat ze je definitief voorbij zijn, altijd eerder intreedt dan je stiekem zou hopen. Maar ook, dat je dan 10 jaar later nog kunt opmerken “daar heb ik ooit nog van gewonnen”…..

Toen ik voor de tweede ronde van het ASK mijn plekje in de zaal opzocht, zat mijn tegenstander al op mij te wachten. De 11 jarige Akshaj Katpatal was de jongste deelnemer van Groep B, en ondanks zijn jonge leeftijd had hij zich al comfortabel in de 1800 genesteld. De partij ging voortvarend van start en na drie keer knipperen met mijn ogen stond ik kansloos verloren.

In het partijtje tegen de jeugdige Akshaj dacht ik 2 patronen te zien die ik vaker denk te zien bij jeugdschakers. Onbevreesd gaan ze in de aanval en proberen ze je direct naar de strot te grijpen. En tactisch zijn ze zo handig dat ze iedere onnauwkeurigheid direct weten af te straffen. Het is dan ook een klein wonder dat ik het geweld van de jonge Akshaj overleefde.

Dit alles natuurlijk wel in de wetenschap dat dit waarschijnlijk de laatste keer is geweest dat ik van ‘m heb gewonnen. En zo moet het zijn! Zoals het ook zo moet zijn dat ik het op dinsdagavond ondertussen afleg tegen ongeveer alle doorgestroomde jeugdspelers van De Waagtoren! Zo had Mr. Miyagi het voor ogen, toen hij zijn auto in de was liet zetten door Karate Kid!

 

De oplettende lezer zag bij het openen van dit stukje natuurlijk direct dat dit mijn derde overpeinzing was. #3 na overpeinzing #1 (waarin ik erachter kwam dat ik als schaker toch echt bewust onbekwaam ben) en overpeinzing #2 (waarin ik schets waar ik vandaan kom als schaker en waarom ik eigenlijk nog steeds een veredelde huisschaker ben).

Deze derde overpeinzing had ik eigenlijk willen noemen: “Een Ode aan de Stappenmethode”, ware het niet dat mijn medebestuursleden ook zaten te wachten op “een bestuursbabbel die geen bestuursbabbel mag heten” en ik beide stukjes dacht te kunnen combineren.

Als ik gekscherend wel eens roep dat ik nooit maar dan ook werkelijk nooit “iets aan schaakstudie doe”, spreek ik voor 99,9% de waarheid. Ik snap gewoon (nog) niet hoe je op een zinvolle manier schaken kunt bestuderen en tot die tijd doe ik voorlopig even niets.

Er was (en is) altijd één uitzondering, en dat betreft De Stappenmethode. Of het nu mijn eerste dagen bij VVV betreft (waar ik van Rob S. een kopietje kreeg van Chess Tutor, een programma vol opgaven uit De Stappenmethode) of daarna bij 0-0-0 (toen ik de commerciële versie van de Stappenmethode voor Volwassenen (“Lekker Schaken” door: Rob van Brunia & Cor van Wijgerden) door ploeterde) eigenlijk had ik gauw door dat eerst de basis op orde moet komen, voordat diepgravende analyses en openingstudies zinvol zijn. Tot op de dag van vandaag zweer ik daar bij en doe ik nog steeds 25 tot 50 tactics-puzzeltjes per dag.

Het verbaasde mij dan ook niet dat als ik wel eens hardop mijmerde over “iets aan schaken gaan doen” de betere schakers van onze vereniging haast collectief (maar onafhankelijk van elkaar) De Stappenmethode aanbevolen! Blijkbaar is dat zo gek nog niet!

Ik durf in ieder geval te stellen dat het kleine beetje wat ik tot op heden heb bereikt in het schaken, ik voornamelijk te danken heb aan De Stappenmethode. Het is wat dat betreft vast geen toeval dat de ik De Grote Sprong Voorwaarts maakte, toen ik besloot te gaan helpen als jeugdtrainer!

Voordat je als trainer iets van het studiemateriaal kunt overbrengen, moet je de stof toch zelf machtig zijn. Zo zie ik haast wekelijks nog menig medetrainer stoeien met de opgaven. Les geven is zo een leuke manier om én iets terug te doen voor je cluppie én daar ook nog zelf iets aan te hebben [*]

Tot zover het uitstapje naar de bestuursbabbel die geen bestuursbabbel mag heten.

Terug in de mijmermodus. Onder het mom van “beproeft alle dingen en behoudt het goede” heb ik besloten de tactics erin te houden. Sterker nog, ik probeer de puzzels sinds enige tijd te benaderen als ware het momenten in een heuse partij (de Lichess-puzzels zijn dat ook). Dit in plaats van het betere intuïtieve gokwerk.

Ondertussen wordt het tijd om een strijdplan te gaan bedenken hoe ik mijn schaarse vrije tijd het meest zinvol kan besteden om zo snel mogelijk de status van huisschaker te ontstijgen. Mogelijk dat ik daaraan nog eens een overpeinzing wijd.

Tot die tijd koester ik de wijze woorden van Mr. Miyagi : “First Learn Stand, Then Learn Fly. Nature Rule, Daniel-san, Not Mine.”

 

[*] Heb je je altijd afgevraagd hoe het komt dat alle jeugdspelers tactisch zo sterk zijn en/of wil je zelf iets opsteken van De Stappenmethode door te gaan lesgeven? Of wil je iets doen voor je cluppie en de toekomst van het schaken? De Waagtoren is hard op zoek naar extra jeugdtrainers! Dus lijkt het je wat? Neem dan contact op met iemand van het bestuur.

Leave A Comment