Frank van Tellingen

Back to the future of we worden oud…+ update eerste verpulvert schaakgodin.

De superlatieven kunnen niet op om de wedstrijddag van gisteren te beschrijven. Alle vier de externe teams wonnen hun wedstrijd.
Hoewel mijn tegenstander zijn best deed om op de 10e zet al door zijn vlag te gaan, heb ik eerlijk gezegd weinig van de andere partijen meegekregen, daarom geen uitgebreid verslag van het eerste team [update: en ook een verslag van de wedstrijd van het eerste].


Door het tijdverbruik van mijn tegenstander was er wel tijd voor wat contemplatieve momenten: naast mij zat Frank A. en ik aanschouwde hoe hij voor het spelen van een zet zijn bril uit het hoesje pakte, deze beheerst opzette om de tegenstander te doen geloven ‘dat hij het anders niet zo goed kon zien’. Invaller aan bord 1 van het derde team was oude bekende en teamgenoot Paul Toepoel (bekend liefhebber van de Amsterdamse voetbalclub en oprichter van de fictieve mellow-trance-band Pol2Pol). Paul wist me te vertellen dat hij de nodige dingen had meegemaakt de afgelopen 12 jaar (is het zo lang geleden alweer?) en dat hij van elke dag probeerde te genieten. Hij speelde een verdienstelijke partij tegen Colleen Otten, Paul had zeker een remise verdiend, maar greep mis. In de analyse kwam de volgende fantastische stelling op het bord (vooral fantastisch wegens het aantal verrassende wendingen dat we na afloop meenden te vinden):


Analysediagram Otten-Toepoel.

Wit lijkt hier te kunnen toeslaan middels 1.Lc4 Dxc5 2.Lb5 maar daarop beschikt zwart over de (schijnbaar) fantastische riposte 2…e3?!!?
en na 3.fxe3(??) Lxe3+

Otten-Toepoel: Analysediagram 2

vonden wij in de analyse na afloop: 4.Kh1 (zwart heeft geen schaakjes) Dxb5(??) 5.Dxe3(??) Txc2 en wit heeft geen schaakjes, (de eigenlijke reden om deze stelling te laten zien) maar wel 6.Td1 met een voor zwart kansrijke versie van een toreneindspel met 3 vs. 2 omdat de witte koning is afgesneden op de onderste rij (zwart loopt bijvoorbeeld naar h3 met zijn koning).

Otten-Toepoel: Analysediagram 3

Nu we weer nuchter zijn laat de engine weinig heel van deze analyse, zo wint wit bijvoorbeeld na 2…e3?! door beheerst 3.De2 te spelen etc.
Maar daar gaat het niet om: samen analyseren na de partij, dingen uitproberen is niet alleen gezellig en goed voor de creativiteit – maar – en dat is werkelijk een teken van naderende ouderdom, het deed me ook denken aan vroeger. Hopelijk treffen we Paul vaker op de zaterdag als speler voor het derde! Wellicht dat F.D. zich ook een keer wil melden.

Update – eerste verpulvert schaakgodin.

Ogenschijnlijk gemakkelijk won ons team vol “oudjes” van het relatief t.o.v. ons “bejaarde” tweede team van Caïssa. Aan bord één mocht Jos het op eigen verzoek opnemen tegen FM Rob Witt, een speler die tactisch nog wel eens hier en daar een aftrekschaakje mist, aan de andere kant ook heel solide kan spelen. Jos volgde lange tijd zijn succesvolle partij tegen IM Gert Ligterink, maar stond toch licht onder druk. De witspeler leek ook niet precies het juiste plan te volgen en nadat Jos zijn stelling had geconsolideerd, leek hij enig voordeel te kunnen behalen door op de verzwakte witte koningsstelling te spelen. Net op het juiste moment kwam er een remiseaanbod dat na overleg werd geaccepteerd. Aan de andere borden zag het er immers gunstig voor ons uit. Zelf speelde ik op bord twee tegen Rogier van Arkel. Hij verraste me met een aan Carlsen opgedragen opening. Aangezien ik dacht dat hij wellicht mijn partij tegen Dolf Meijer had bestudeerd en ik in de database had gezien dat hij normaalgesproken Najdorf speelde, week ik op zet 3 af. Dat bleek psychologisch een handige keus, want al na mijn 9e zet ging mijn tegenstander diep de Daantank in. Objectief gezien was het ook niet slecht voor wit en de gehele partij waande ik me stevig “in control” (hoewel de engine aangeeft dat ik op zet 14 mijn ruime voordeel weggaf) en bleef snel spelen. De problemen bleken voor mijn tegenstander, die vanaf de 27e zet op increment speelde, te lastig om op te lossen en hij staakte tijdig de strijd. Op bord 3 had Frank een van zijn lijfvariantjes op het bord en leek daarmee in elk geval op een structureel voordeel te mogen hopen. Op de derde zet vroegen de omstanders (d.w.z. ik) zich af of 3…dxc4 direct niet sterker was (met als pointe 4.d5 e5!), maar al met al leek er weinig aan de hand. Toch gaf wit wel erg makkelijk zijn loperpaar cadeau. Het toreneindspel had wellicht meer kansen geboden dan het pionneneindspel, dat door de actieve witte koning nog lastig was voor zwart. Een gezellige blunder werd door een wederblunder beantwoord en zo werd het remise. Hopelijk heeft Frenk zijn onooglijke boekje van Moro weer tevoorschijn gehaald om op te zoeken wat hij het best kon doen. Wellicht is het raadzaam om ook hier in de voetsporen van zijn idool Caruana te stappen en zijn zwartrepertoire geheel te kopiëren.

Op bord 4 kreeg onze IM een tegenstander tegenover zich die blijkbaar telepathisch in verbinding stond met Sergej Karjakin (noot: hij mocht de 1e zet voor de 11e matchpartij Carlsen-Caruana uitvoeren en koos tot hilariteit van allen 1.b4!). Yong-Hoon speelde de meest natuurlijke zetten en had een tempo meer ten opzichte van de gebruikelijke stellingen. Een mooi centraal overwicht mondde uit in een koningsaanval en na enkele tactische onnauwkeurigheden van zijn tegenstander was het pleit beslecht. FM Danny bewees op bord 5 dat hij zijn openingen kent en liet de witspeler kansloos in een fraai gespeelde partij. Op bord 6 kreeg Rob te maken met een liefhebber van de Hagedissenverdediging (1.e4 g6 2.d4 Lg7 3.Pc3 d5?!), hetgeen de man het jaar daarvoor ook al tegen Maaike had gespeeld. Dat wist Rob zich nog te herinneren, maar moest op eigen kracht verder. De partij was lange tijd in evenwicht, maar in tijdnood (d.w.z. de tijdnood van Rob) leek het even mis te gaan. Zijn tegenstander was echter zo vriendelijk om een tactisch geplaatst remiseaanbod in betere stelling te accepteren. De eerlijkheid gebiedt echter te zeggen dat zwart dan wel de enige juiste zet had moeten vinden om op winst te spelen. Maaike kreeg op bord 7 een Engelse opening tegen zich en wist zich aanvankelijk goed op te stellen. Een aarzeling of ze centraal moest breken of toch met f7-f5 leidde ertoe dat wit nog enige druk hield. Uiteindelijk kwam er een dame-eindspel op het bord met een pluspion, die lastig te verzilveren was. Zonder enig spoor van Carlsen-neigingen werd dit direct remise gegeven. Dan komen we bij Daan. Een partij die ik met interesse heb gevolgd tijdens de diepe denkpauzes van mijn opponent. Daan had zich danig voorbereid, maar werd op zet 3 al verrast. De volgende onschuldige openingszetten kostten de nodige tijd. Maar Piet van der Weide is, zoals Donner als schreef, een keurige man, die niet van de tijdnood van zijn tegenstander wilde profiteren en de stelling op haar merites beoordeelde. Ook deze partij eindige vreedzaam, waarna Daan in de post mortem de ene na de andere spectaculaire snelschaakpartij speelde. Wellicht is het goed voor de gemoedsrust van de teamgenoten om deze “zetvolgorde” de volgende wedstrijd om te draaien. Met 7 matchpunten en 19,5 bordpunt staan we momenteel tweede in de poule achter KC2 (de laatste wedstrijd ontmoeten we ze) en hebben we alles in eigen hand.

2 Comments

  1. alexalbrecht
    alexalbrecht 25 november 2018 at 14:34

    mooi stuk Frank, dank !, en Paul voor het invallen. Ik hoop nog andere partijen te kunnen laten zien komende week…,
    het derde won dus met 5-3 van Het Spaarne, hier had ik vooraf voor getekend gezien enig ratingverschil ( 40 pnt )

  2. drulovic
    drulovic 25 november 2018 at 18:55

    Dat boek van Moro vind ik niet zo goed, ik kijk er nooit in. Heb drie andere bronnen. Lf4 staat daar echter niet in. Ik vond na dxc4 d5 e5 Lg3 er niet zo super uitzien voor zwart.

Leave A Comment