Leer van de oude Meesters

By Published On: 26 augustus 2012Categorieën: Analyses, Boeken5s Reacties

gligoricKortgeleden overleed op 89-Jarige leeftijd de voortrekker van het voormalige Joegoslavische schaak Grootmeester Svetozar Gligoric.Hij behoorde in de vijftiger-zestiger jaren tot de wereldtop en was indertijd een van de weinigen die de Sovjet-Russen volwaardig partij kon geven.
Hoewel ik hem natuurlijk al lang van naam kende leerde ik hem pas in 1979 persoonlijk kennen. In die jaren verzorgde ik in opdracht van Interpolis het toernooiboek van het gelijknamige toernooi. We benaderden daarvoor de deelnemers om na afloop van het toernooi hun beste partijen te analyseren en voegden daar rondeverslagen aan toe.
In die tijd deed Interpolis er alles aan om het predicaat best verzorgd toernooi te verwerven. Zo werd het instituut van de ‘gastgrootmeester’ in het leven geroepen. Echt een erebaantje, welk hoofdzakelijk bestond uit het minzaam begroeten van directieleden en plaatselijke notabelen waarbij het verwerken van alcoholische versnaperingen een vanzelfsprekende bezigheid was. Verder was er niet veel te doen voor de gastgrootmeester, want conflicten tussen spelers waren er niet en de organisatie verliep smetteloos. Nu was Gligoric meer het type Euwe dat van aanpakken hield en een broertje dood had aan een beetje rond lummelen en zover ik na kon gaan dronk hij niet of nauwelijks. Hij vroeg dan ook het organisatiecomité om passende werkzaamheden, waarop het comité bij mij langskwam met de vraag of Glgoric niet mee kon werken aan het toernooiboek. Daar stemde ik uiteraard met plezier mee in, er was echter een klein bezwaar. Gligoric wilde dit uitsluitend tijdens het toernooi doen en wel vanaf de volgende ochtend meteen om 9.00 uur!  Zo zaten wij dagelijks van negen tot ongeveer twaalf uur in een afgesloten zaaltje nabij de toernooizaal en dicteerde Gligoric mij de teksten die ik dan zo snel en leesbaar mogelijk noteerde. Om één uur begon het toernooi en daar moest ik vervolgens mijn aandacht op richten om ’s avonds het verslag voor de krant door te kunnen spelen. Tussendoor probeerde ik dan de gemaakte aantekeningen uit te werken. Maar dat terzijde.

Gligoric leek in meer opzichten op Euwe. Hoewel wat jonger dan Euwe behoorde ook hij nog tot de school die schaakstellingen verklaarde met veel tekst en zich niet verloor in diepgaande analyses. Ik heb voor u één partij uit het toernooiboek ‘3e interpolis schaaktooi 1979’ geplukt. Het is een partij tussen de grootmeesters Vlastimil Hort en Oleg Romanishin. Na twaalf zetten ontstond de volgende stelling.

imageDiagram na 12…Pe7 uit Hort-Romanishin

Een oppervlakkige indruk zal bij de meesten de indruk wekken dat er in deze stelling weinig aan de hand is. Gligoric heeft dan al aangetoond was wit allemaal fout heeft gedaan en hoe zwart zijn voordeel met schijnbaar simpele middelen tot partijwinst wist te brengen. Een prachtig voorbeeld van positioneel schaak en ideaal studiemateriaal.

Ik zag op Internet dat deze titel, waaraan overigens naast Gligoric ook Timman, Karpov en anderen mee werkten, tweede hands nog voor een euro of vijf, zes te verkrijgen is en misschien zijn er wel leden die het boek bezitten en hem tijdelijk ter beschikking willen stellen van een serieuze student.

5 Comments

  1. WALTER 26 augustus 2012 at 20:04

    Willem

    Prachtig mooi verhaal,wellicht heb je nog meer verhalen

  2. Willem Andriessen 27 augustus 2012 at 07:50

    Dank voor je compliment Walter, maar ik ben vooral nieuwsgierig naar de reacties op de analyse van Gligoric in het kader van de zelfstudie. Was zijn uileg begrijpelijk en heeft men er iets van opgestoken? Je hoeft de hele partij niet te begrijpen, maar wel een paar elementen. Zoals de 11e zet, waarbij het paard via e7 naar c6 gespeeld wordt en de cruciale 13e zet Te8!. Als die twee zetten hebt begrepen en aan je schaakgeheugen zijn toegevoegd ben je toch weer een stapje verder gekomen!

  3. WALTER 27 augustus 2012 at 20:13

    Willem

    Mijn fanatisme/gedrevenheid is niet meer zo als 15 jaar terug,dat ik fanatiek was in het schaak en het zelf doen was mijn drang en vergat gewoon altijd wat ik weer eens wat had gelezen!.Ik hoop wel dat de jongere onder ons jou verhalen lezen en de partijen doorgronden die je publiceer en wellicht zal de club schaker sterker worden.Ik geniet echt van je verhalen en zie uit naar nog meer!!!

  4. Jan Poland 30 augustus 2012 at 21:52

    Zoals Gligoric het verteld is het logisch, maar om dat als 1800+ speler zelf te ontdekken is te hoog gegrepen. De kunst is natuurlijk om schaakinzicht te verwerven, maar over hoe je dat moet doen zijn boeken vol geschreven. Die boeken zijn aan het gros der talentlozen nauwelijks besteed.

    Als Walter mooie verhalen wil lezen moet hij maar eens duiken in de geschiedenissen van Oom Jan, Oom Hein en Oom Wim. Eenmaal daardoor gegrepen komt hij vanzelf bij De Koning.

  5. Frank van Tellingen 15 september 2012 at 20:40

    Hallo Wim, ik wil inhoudelijk wel even op je vraag ingaan. Ik denk dat het behulpzaam is om stellingen op een andere manier te bekijken, om dergelijk commentaar te lezen. in die zin zijn b,v, de partijen van Nimzowitsch en diens commentaar ook interessant, omdat je daardoor meer mogelijkheden gaat overwegen en meer diepgang in je besluitvorming creëert, ook als 1800+ speler, denk ik. Licht misleidend vind ik dergelijk commentaar echter wel, als niet wordt gekeken naar manieren waarop de verliezer stugger had kunnen verdedigen. De uitkomst van de partij lijkt dan bijna logisch te volgen uit de zet 13.Te8 en zo is het natuurlijk niet. Niet dat ik de verbeteringen kan voorstellen, maar – en dat vind ik tegelijkertijd het goede en het ontmoedgende aan de boeken van Kasparov – het duurt vaak heel lang voor een stelling echt op “techniek” gewonnen kan worden. Als je ziet hoe vaak iemand zich nog beter had kunnen verdedigen, blijkt het spel toch veel complexer dan je op basis van de uitslag zou denken. Daarom vind ik persoonlijk de boeken van Grooten ook zo slecht omdat het daar altijd lijkt alsof een overwinning volgt uit het geniale 21. Pb1!! van Karpov en niet bijvoorbeeld uit het feit dat in het volgende spel Karpov ook steeds weer door zijn opponents mindere verdedigende zetten wordt geholpen en dus in feite profiteert van het feit dat hij op dat moment superieur reageert op de complexiteit van de stellingsproblemen t.o.v. Bijvoorbeeld Spasski.

Leave A Comment