Jan Timman krijgt zijn langverwachte biografie

By Published On: 26 december 2011Categorieën: Analyses, Boeken5s Reacties

De geest van het spelDe met Max Euwe belangrijkste schaakgrootmeester van Nederland, Jan Hendrik Timman werd deze maand zestig en ter ere daarvan verscheen zijn langverwachte biografie. John Kuipers, redacteur bij het ANP,  interviewde vele vrienden en kennissen van Timman uit- en van buiten de schaakwereld en komt soms met verrassende nieuwtjes op de proppen. Zo blijkt Klaas Bruinsma, in sommige kringen meer bekend als ‘de dominee’ nog een rol gespeeld te hebben in Timmans leven. Ik zal niet meer verklappen, zodat u zelf kunt genieten van deze boeiende biografie en ik wil ook Marten Coerts niet het gras voor de voeten wegmaaien, want hij heeft me beloofd zijn boekenrubriek nieuw leven in te blazen, te beginnen met een bespreking van deze uitgave.

Ik leerde Timman eind jaren zestig kennen. Hij werkte namelijk al snel mee aan het Schaakbulletin, waar ik in 1968 mee van start was gegaan. Hij kwam in die tijd regelmatig naar Wageningen, waar ik toen nog woonde, soms in gezelschap van Hans Böhm. Zijn bezoek bleef niet altijd onopgemerkt. Zo gebeurde het dat ik een telefoontje van een mij onbekende Wageningse student kreeg, die vertelde dat hij Timman zojuist door de Hoofdstraat voorbij had zien trekken, die, zo veronderstelde hij op weg was naar mij. Er was die avond een groot feest en hij nodigde ons (Timman natuurlijk in het bijzonder) uit dat bij te wonen.
Ik heb de eer gehad twee keer een officiële wedstrijd tegen Timman te mogen spelen. De eerste keer was in het Open kampioenschap in Dieren 1970. Ik had me goed voorbereid  en kreeg de door mij bestudeerde partij Hartoch-Polugaevsky uit het Hoogoventoernooi 1970 op het bord. Toen bleek wat het verschil is tussen een amateur die een partijtje naspeelt en een professional die een opening echt kent. Timman was na afloop zo vriendelijk een aantal finesses van die opening te laten zien.
De tweede partij was een jaar later in het NK van 1971 te Leeuwarden. Het meest opmerkelijk was dat nu ik Timman in de opening wist te verrassen. Ik kreeg een goede stelling, maar begon toen aarzelend te spelen. Zetten, die ik tegen een ‘soortgenoot’, waarschijnlijk zonder enig bedenken zou hebben gedaan, brachten me nu in verwarring en liet ik tenslotte achterwege. Het is de wetenschap dat er tegenover je iemand zit die meer weet en meer begrijpt van het spel.
Ik heb die partij nog weer eens afgestoft en er mijn herinneringen bij gezet. Een Timmanpartij blijft altijd de moeite waard die na te spelen.

5 Comments

  1. TF 27 december 2011 at 11:52

    Ah, deze lag als dubbelexemplaar van ‘Matten’ in de bus. Ik ben benieuwd!

  2. WALTER 28 december 2011 at 21:20

    Het boek zal wel,maar de cover is echt uit de tijd dat er nog geen condooms waren,enorme miskleun!

  3. Jan Poland 28 december 2011 at 22:32

    The monkey speaks his mind

  4. Frank van Tellingen 29 december 2011 at 18:06

    Interessante partij Wim. Het commentaar van Timman trof me wel als enigszins merkwaardig omdat een dergelijke wending als f4 met omgekeerde kleuren in een gesloten siciliaan een standaard procedure is van zwart om het witte initiatief in te dammen na g4 (ik heb het dan over een variant als 1.e4 c5 2.Pc3 Pc6 3.g3 g6 4.Lg2 Lg7 5.d3 d6 6.f4 e6 7.Pf3 Pge7 8.Le3 Pd4 9.0-0 0-0 10.Dd2 Tb8 etc. een zet als f5 wel normaal is na een eerder g4 van wit – zo zie je maar om welke details het gaat.

    Trouwens: is eerder Pb5 van wit een idee *(na g4) om voort te zetten met Pdc3 en Ld5 gevolgd door een ruil van de witveldige loper?

  5. Willem Andriessen 29 december 2011 at 20:05

    Frank.
    Dat f2-f4 (of f7-f5 met zwart) in die stelling aangewezen lijkt stond ook in mijn geheugen gegrift en daarom stuurde ik er dan ook op aan. Maar je moet daarna 18…exf4 niet met 19.gxf4 beantwoorden zoals ik deed, maar met 19.exf4! Daar kom je (kwam ik) in eerste instantie niet op, omdat je veld d4 cadeau doet aan zwart. Maar zie de stelling na 19.exf4! Pd4 20.Te1 Ld7 21.a4. Wit staat hier beter, omdat hij de e-lijn bezit en zijn paard op d5 sterker is dan die van zwart op d4.
    Toch denk ik dat Jan gelijk heeft en wit betere kansen heeft als hij eerder op b2-b4 aanstuurt.

    Ja andere opmerking (20.Pb5 gevolgd door Pdc3) is hoogst interessant. Of er voordeel mee te behalen is vraag ik me af; bijvoorbeeld 20…h5 21.Pdc3 Pa7 22.Pxa7 Txa7 23.Ld5 De8 en het is niet zo gemakkelijk het paard op d5 te krijgen, want dan komt b7-b5 en anderzijds kan zwart al manoeuvrerend pion e3 onder vuur nemen.

Leave A Comment