Nieland, Wim (1961) - Burggraaf, Jan (1969) [C45]
IJmondvierkamp (3), 20.06.2010



1.e4 e5 2.Pf3 Pc6 3.d4 exd4 4.Pxd4 Pf6 5.Pxc6 bxc6 6.e5 De7 7.De2 Pd5 8.c4 La6 9.De4
Deze variant van het Schots was vooral in de jaren 80 en 90 populair bij veel topspelers. Kasparov bediende zich in zijn wereldkampioenschap match tegen Karpov in 1990 van [9.b3 evenals vijf jaar later tegen Anand in hun WK-match. Anand reageerde daarop met 9...g5! waarop de partij na zeer spannende verwikkelingen in remise eindigde.]

9...Pb6
Een ander gevecht op topniveau speelde zich af in de jaren tachtig tussen Timman en Karpov, waar Timman koos voor 10.Pd2.

10.Pc3 f5
Ook de clubspeler moet de weg kennen in dit mijnenveld van vele zijvarianten. Zo een is hier [10...De6 11.c5 Lxf1 12.cxb6 f5 13.b7 zoals bijvoorbeeld in Sveshnikov-Goshisa, 2003.]

11.exf6
En hier is ook [11.Dxf5 gespeeld, waarop zwart zich schadeloos stelt door op c4 te slaan.]

11...Dxe4+ 12.Pxe4 Lxc4
Tot zover is dit alles bekend. In een oude analyse stelt John van der Wiel dat zwart hier iets beter zou staan. Dat lijkt mij sterk overtrokken.

13.Lxc4 Pxc4 14.0-0 0-0-0
Lijkt een logische zet, maar dit zet de koning toch een beetje buiten het strijdtoneel. Na 14...Pd6 of 14...Kf7 zou er niet veel aan de hand zijn.

15.b3
Diagram #

15...Pd6?
Maar dit is echt fout. Juist was [15...Pe5 16.Lb2 gxf6 17.Pxf6 (17.f4 Pg4 18.h3 Te8= ) 17...Pd3 18.Ld4 c5 19.Tad1 cxd4 20.Txd3 c5 met een plusje voor wit, die kan proberen zijn koningsvleugelpionnen op te stoten.]

16.Pxd6+ Lxd6
Hier helpt [16...cxd6 ook niet meer: 17.Lb2 Tg8 18.f7 Th8 19.Tfe1 en zwart is er droevig aan toe.]

17.Lb2
Ook [17.fxg7 Thg8 18.Lb2 Tde8 19.Tfe1 was niet mis.]

17...The8 18.fxg7 Le5
Zo had zwart het zich kennelijk gedacht. Wits volgende zet helpt hem uit de droom.

19.g8D! 1-0